Reinholt Elstner: Het Ultieme Offer van een Duitse Patriot.

Het zal een gewone dag zijn geweest, dinsdag 25 april 1995; een dag die niet verschilt van de overige dagen waarop mensen zoals gewoonlijk hun zaken afhandelen, aan het werk gaan, naar kantoor of school. En dit was uiteraard ook in Duitsland zo, bijvoorbeeld in München. Daar bevindt zich de Feldherrnhalle aan de Odeonplatz waar in 1923 Adolf Hitler en voormalig veldmaarschalk Erich Ludendorff (een veteraan uit WW I), de poging ondernamen er een staatsgreep te plegen. En ook hier baanden mensen zich een weg om op hun bestemming te komen. De toen 75-jarige Reinholt Elstner was een van de velen. De bestemming die hij zocht, was de Feldherrnhalle en het doel van wat hij daar wilde bereiken, bleek een doel te zijn wat een schok teweeg bracht bij de overige voorbijgangers daar; nadat hij die avond de treden van dit gebouw had betreden, overgoot Elstner zich met een ontvlambare stof en stak zichzelf in brand; voorbijgangers die hier getuige van waren, trachtten de vlammen nog te blussen om hem zo te redden doch tevergeefs; Elstner overleed twaalf uren later. Wat was nu het motief voor een 75 jaar oude man om zich door zelfverbranding het leven te benemen? Ging het hier om een verwarde man die vermoedelijk last had van psychische problemen? Was het iemand die op lugubere wijze aandacht had getracht te krijgen voor een bepaalde groep activisten? Geen van beide; Reinholt Elstner was nl. een veteraan uit de Tweede Wereldoorlog die destijds als soldaat van de Wehrmacht aan het Ostfront tegen het Rood-Russische Bolsjewistische Leger gestreden had. Het jaar 1995 was tevens het jaar waarin het vijftig jaar geleden was dat Nazi-Duitsland verslagen werd en dat werd in verschillende delen van de wereld gevierd. Maar nogmaals: waarom pleegde Elstner nu zulk een ongewone daad? Het antwoord is zoals hij zelf duidelijk maakte dat hij de lawine aan leugens die sindsdien tot 1995 toe over het huidige Duitsland wat haar verleden betreft, en waarmee de vaderen van de huidige Duitse generatie onophoudelijk belasterd werden, niet langer kon verdragen. Door een daad te stellen (zichzelf te verbranden), hoopte Elstner de huidige Duitse generatie wakker te schudden voor het feit dat hun vaderen door leugenachtige propaganda vanaf 1945 tot 1995 toe als oorlogszuchtige misdadigers werden afgeschilderd.

Reinhold-Elstner-Quote01_k0nsl

 

Reinholt Elstner & Zijn Afscheidsverklaring.

 

Reinholt Elstner had tevens een (lange) afscheidsverklaring nagelaten waarin hij zijn motief zich door zelfverbranding om het leven te brengen neergeschreven had; hier volgt wat hij geschreven had:

“Duitsers! in Duitsland, in Oostenrijk, in Zwitserland en elders in de wereld: Wordt alstublieft wakker! 50 jaren van onophoudelijke  belastering, smerige leugens en de demonizering van een heel volk is genoeg! 50 jaren van ongelooflijke beledigingen van voormalige Duitse soldaten, van chantage wat miljarden en “democratische” haat is meer dan men kan dragen. 50 jaren van gerechtelijke Zionistische wraak is voldoende. 50 jaren te pogen een kloof te creëren tussen Duitse generaties door de vaders en grootvaders te criminaliseren is te veel.

Het is ongelooflijk wat we dit herdenkingsjaar moeten verwerken. We worden door een waterval” (“Niagara-like flood”-TN) aan leugens en lasteringen overspoeld. Daar ik nu op 75-jarige leeftijd ben kan ik weinig meer doen maar ik kan nog altijd de dood zoeken door zelfverbranding; een laatste daad dat een signaal voor de Duitsers kan zijn om tot zinnen te komen. Zelfs als er slechts een Duitser door mijn daad zal ontwaken en daarom de weg naar de waarheid zal vinden, zal mijn offer niet tevergeefs zijn geweest. Ik realiseerde me dat er nu na 50 jaar weinig hoop is dat de reden de overhand zou krijgen, meende dat ik geen andere keus had. Als iemand die na de oorlog van zijn huis verdreven was, had ik altijd de verwachting dat dat wat de Israelis na 2.000 jaar werd toegekend, namelijk het recht om terug te keren naar “huis”, dit ook zou worden toegekend aan Duitse bannelingen. Wat is er gebeurd met de belofte van zelfbeschikking die in 1919 afgekondigd was toen miljoenen Duitsers gedwongen waren, onder vreemde heerschappij te leven? Tot op deze dag hebben we onder dit onrecht te lijden en ik kan verklaren dat het niet de Duitsers waren die hiervoor verantwoordelijk gehouden kunnen worden.

Ik ben een Sudeten-Duitser. Ik had een Tsjechische grootmoeder en van de andere kant Tsjechische en Joodse familieleden waarvan er sommigen opgesloten hadden gezeten in concentratiekampen zoals Buchenwald, Dora (Nordhausen) en Theresienstadt. Ik heb nooit tot de Nazi-pratij of zelfs maar enig andere groep die ook maar op z’n minst gekleurd was door de associatie met het Nationaal Socialisme behoord. We hebben altijd de beste relaties met onze niet-Duitse verwanten gehad en we hielpen elkaar indien nodig. Onze voedsel markt met” (onze) “bakkerij was gedurende de oorlog verantwoordelijk voor de verdeling van voedselpakketten onder de Franse krijgsgevangenen en de Oostarbeiders die in het dorp leefden. Iedereen werd eerlijk behandeld en dit zorgde ervoor dat onze zaak tegen het einde van de oorlog niet geplunderd werd daar de Franse krijgsgevangenen die bewaakten totdat zij gerepatrieerd werden naar hun eigen land. Al op de 10e mei 1945 (twee dagen nadat de vijandelijkheden waren beëindigd) kwamen naar huis en boden hun hulp aan. De Joodse oom uit Praag die in de Tsjechische hoofdstad het gruwelijke bloedbad had gezien wat de Tsjechische partizanen onder de achtergebleven Duitsers daar hadden aangericht, was een uitzonderlijke steun. De gruwel van deze koelbloedige moordpartij kon in de ogen van de man nog worden waargenomen waarvan iets dergelijks deze voormalige gevangene van het Reich gedurende zijn hele gevangenschap niet meegemaakt had.

Ik was een soldaat van de Wehrmacht van het Groot-Duitse Rijk die vanaf de eerste dag aan het Oostfront vocht. Hieraan moeten nog enkele jaren aan slavenwerk als krijgsgevangene in de Sovjet-Unie aan worden toegevoegd. Ik herinner me de Kristallnacht van 1938 nog goed want op die dag ontmoette ik een huilend Joods meisje met wie ik gestudeerd had. Maar ik was veel meer geschokt toen ik in Rusland zag hoe alle kerken ontheiligd waren, hoe die als stallen en machinefabrieken werden gebruikt; ik zag de varkens knorren, de schapen blaten, machines rammelen in heilige plaatsen. Maar voor mij was het meest erge toen ik zag dat kerken werden gebruikt voor het atheïsme. En dit alles gebeurde met de actieve samenspanning van de Joden, die zeer kleine minderheid waarvan vele leden de uitvoerende geweldenaars van Stalin waren. De belangrijksten onder deze mensen was de Kaganovich-clan, zeven broers en zussen die zulke moordenaars waren dat de vermeende SS-moordenaars hiermee per vergelijking onschuldig kunnen worden genoemd. Nadat het mij na mijn ontslag uit Russische krijgsgevangenenkampen toegestaan was, terug te keren naar “huis” (wat een bespotting om te zeggen naar “huis” te gaan tegen een krijgsgevangene die van zijn ouderlijke geboorteland verbannen werd), hoorde ik voor de eerste maal van de wreedheden van de Duitse concentratiekampen, maar aanvankelijk niets over enige gaskamers of van de moord op menselijke wezens door het gebruik van gifgas. Integendeel, mij werd verteld dat de concentratie kampen te Theresienstadt en Buchenwald (Dora) zelfs bordelen voor de gevangenen binnen de kampen hadden. Herr Broszat van het “Instituut voor Moderne Geschiedenis”, verklaarde toen tijdens de gelegenheid van de “Auschwitz-processen” en niet slechts tijdens de Neurenberg-processen dat het bekende getal “zes miljoen” slechts een symbolisch getal was. Ondanks het feit dat Herr Broszat ook verklaarde dat er op Duits grondgebied geen gaskamers in enig kamp stonden die gebruikt zouden zijn voor de moord op menselijke wezens, zijn er aan bezoekers van Buchewald, Dachua, Mauthausen en dergelijke, vermeende gaskamers getoond. Leugens tot op deze dag, niets dan leugens.

Alles werd zeer helder voor me toen ik talloze boeken las, geschreven door Joden en zgn. antifascisten. Bovendien was ik in staat, af te gaan op mijn eigen ervaringen in Rusland. Ik bracht er” (namelijk) “twee jaar in het hospitaal in de stad, Porchow door waar in de eerste winter al, het gevaar van een tyfus-epidemie ontstaan was en elk hospitaal en eerste hulp-stations werden ontluisd met wat we toen het “K.Z. Gas” (concentratiekamp-gas), namelijk “Zyklon-B” noemden. Daar leerde ik hoewel ik zelfs niet eens tot de teams die de gebouwen ontsmetten behoorde, hoe gevaarlijk het was met dit gifgas om te gaan. Sindsdien heb ik in ieder geval geen enkele keus gehad dan om alle concentratiekamp-memoires” (autobiografieën) “als sprookjes te beschouwen. Dit kan de werkelijke reden zijn, waarom alle verslagen over de concentratiekampen (door de slachtoffers -vertaler), geaccepteerd worden als waar onder een zgn. “Judicial notice” en niet bewezen hoeven te worden.”

(Hier zullen we het laatste getuigenis van Reinholt Elstner even onderbreken om ons wat meer met wat hij het “Judicial notice” noemt, bezig te houden; dit wil eenvoudigweg zeggen dat een bepaald voorval wat universeel als waar wordt gehouden, hier desondanks geen sluitend bewijs voor noodzakelijk is. Dit voorval wordt dus als waargebeurd aanvaard. Maar wat de vele verslagen betreffende de massale vergassing van Joden in Duitse concentratiekampen betreft, ondanks hun eensluidendheid (moord d.m.v. vergassing), zijn vele details in deze gegevens met elkaar in tegenspraak. Om die reden alleen al, zou het moeten worden verplicht, het bewijs voor deze gasmoorden te leveren. En dit zou het dan ook noodzakelijk maken dat de holocaust-overlevenden zelf eens aan een kritisch verhoor betreffende hun (al of niet verbeelde) ervaringen tijdens hun verblijf in de kampen onderworpen zouden moeten worden; geloof het of niet, maar dit is ooit eens gebeurd; tijdens het eerste “Grote Holocaust-proces” waarbij Ernst Zundel terechtstond op de beschuldiging van het verspreiden van “vals nieuws” over de Duitse kampen. Zundel had nl. een boekje geschreven met de veelzeggende titel, Stierven er Wérkelijk Zes Miljoen?”, waarin hij duidelijk maakte te twijfelen aan het officiele holocaust-verhaal. De rechter in deze zaak gelastte daarna de holocaust-overlevenden die er ook bij aanwezig waren, aan een kritisch verhoor te onderwerpen wat hun ervaringen in de Duitse kampen betreft om zo vast te kunnen stellen of hun ooggetuigenverslagen al of niet betrouwbaar waren. Nadat dit bekend geworden was, lanceerde de Joodse Anti-Defamation League een gemene lastercampagne tegen de rechter en Zundel om zo alsnog een kritische ondervraging van de overlevenden te verhinderen. Voor zover bekend, was dit de enige (en ook laatste maal) dat de rechter hiertoe opdracht had gegeven zodat overige rechters het in het vervolg wel nalieten, de overlevenden kritisch te ondervragen! Alles van wat de overlevenden via woord en geschrift over hun ervaringen verteld hadden, was voortaan de absolute waarheid waaran niemand zelfs maar mócht twijfelen, zonder dat hier ook maar enig bewijs voor hoefde te worden geleverd! Vandaar “Judicial notice.”)

(Vervolg afscheidsverklaring Reinholt Elstner)

“In 1988 bracht de Duitse televisie een verslag over Babi Yar (het ravijn nabij Kiev, in de Oekraïne -vertaler) waarin verklaard werd dat de SS er 36.000 Joden vermoord had door hen te stenigen. Drie jaar later schreef een zekere Mevr. Kayser een verslag voor de krant “TZ” in München wat verklaarde dat deze Joden waren gedood door beschieting” (door middel van vuurwapens -TN) “en dat hun lichamen  vervolgens in de diepe bergspleten verbrand werden. Toen haar hierover gevraagd werd, wees Dr. Kayser op een boekhandel in Konstanz dat het boek “Shoa at Babi Yar” verkoopt. Op de dag dat dit boek bij mijn huis aankwam, bracht de Duitse televisie een verslag van Kiev waarin verteld werd over de bevindingen van een Oekraïnse commissie: te Babi Yar waar de resten van ongeveer 180.000 menselijke wezens gevonden werden, waren die allemaal in opdracht van Stalin vermoord (voor 1941, de vertaler.)” (ofwel: vóórdat de inval van Nazi-Duitsland in Sovjet-Rusland op 22 juni 1941, Operatie Barbarossa, plaats zou vinden-TN) “De Duitsers waren” (hier) “helemaal niet verantwoordelijk” (voor.) “Maar overal ter wereld kan men nog monumenten van Babi Yar vinden waarmee de Duitsers van de moorden daar worden beschuldigd. (Noot van de vertaler: Op 10 mei 1995 bezocht President Clinton Babi Yar en sprak er voor een menorah over de Joden die de Duitsers er naar verluidt vermoord hadden. Een regelrechte leugen.) Vanwege de feiten zoals door Herr Broszat verteld” (namelijk) “dat we gelogen zouden hebben over de voorvallen in vele concentratiekampen, ben ikzelf niet bereid de sprookjes die over de vermeende gebeurtenissen in de kampen in Polen worden verteld, te geloven. Ook geloof ik niet in de naoorlogse beschuldigingen” (namelijk) “dat wij, Duitsers, bijzonder agressief zouden zijn. Het was tenslotte Duitsland wat van 1871 tot 1914 de vrede behield terwijl de meest vooraanstaande democratieën, Frankrijk en Engeland, het grootste deel van Afrika veroverden en hun kolonies in Azië uitbreidden. Ter zelfde tijd vocht Amerika tegen Spanje en Mexico en Rusland bestreed Turkije en Japan. In deze gevallen beschouw ik de regering van de Verenigde Staten als bijzonder cynisch daar het dit land was wat in deze eeuw tweemaal de oceaan overstak om Duitsland aan te vallen en om ons tot “democratie” om te turnen. Men moet in overweging nemen dat dit een regering was waarvan de natie haar oorspronkelijke inwoners” (de Indianen-TN) “uitgeroeid had en haar zwarte bevolking tot op deze dag als tweederangs burgers behandelt.

Gedurende mijn  jaren heb ik niet alleen onder mijn verwanten maar ook als krijgsgevangene in Rusland, aardige en hulpvaardige Joden ontmoet. In Gorki heeft een vrouwelijke Joodse professor, toen ik aan pleuris leed en zeer ernstige problemen aan de ogen had, me mijn gezondheid weer teruggegeven. Maar ik heb over deze kleine minderheid ook vele slechte dingen gehoord. Schreef niet Churchill in de London Sunday Herald (8 Februari 1920) als volgt:

“Van de dagen van Spartacus Weishaupt tot Marx, Trotzky, Bela Kuhn, Rosa Luxembourg en Emma Golmann, is er een wereldwijde samenzwering bezig, onze beschaving te vernietigen en om onze samenleving te veranderen op basis van ongehinderde smerige begeerlijkheid en een onmogelijke droom van gelijkheid voor allen. Deze samenzwering met haar onophoudelijke ondermijnen van elk bestaand instituut, was in staat vanuit de onderwereld van de grotere steden in Amerika en Europa, een bende gewetenloze mensen in dienst te nemen om Rusland over te nemen en zich meesters van dit uitgestrekte imperium te maken. Het is niet nodig de rol welke deze goddeloze Joden bij de stichting van het Bolsjewisme speelden, te overschatten.”

Ik hoop dat ik bevoegd ben, de ontvanger van de prestigieuze Duitse Karls-prijs te citeren. ( Met deze zin verwijst Mr. Elstner naar het feit dat er in het “vrije” en “democratische” Duitsland nu vele taboes van kracht zijn, in het bijzonder op politiek en historisch gebied. Zelfs het citeren van de zinnen van Churchill van 1920 kan een persoon in de cel doen belanden voor het “aanzetten tot haat tegen een andere groep”, namelijk de Joden. De waarheid van een verklaring is geen verdediging -de vertaler.) In de 18e eeuw schreef Samuel Johnson: “Ik ben er niet zeker van wat we meer zouden moeten vrezen, een straat vol soldaten die er op uit zijn te plunderen of een zaal vol met schrijvers die het gewoon zijn, te liegen.”

Gezien onze ervaringen na 1918 en na 1945, behoren wij, Duitsers, te weten wat we het meest te vrezen hebben!”

München, 25 April 1995.

Reinholt Elstner.

(De Engelse versie van dit bericht kan worden gelezen op http://vnnforum.com/showthread.php?t=110265 In dit uit het Engels vertaalde bericht is de vetdruk toegevoegd, zijn er hier en daar enkele blokletters aan toegevoegd om het een en ander te verduidelijken en zijn slechts enkele delen van een paar zinnen ietwat vrij vertaald.)

Hier eindigt de afscheidsverklaring van Reinholt Elstner, een veteraan van de Tweede Wereldoorlog, een van de velen wiens land en wiens vaderen tot op heden door een liegende en gewetenloze media& Pers onophoudelijk belasterd, belachelijk gemaakt en wier naam ook te dezen dage nog door het slijk wordt gehaald. Elstner kon zich niet zoals vele van zijn andere tijdgenoten dit niet konden, teweerstellen tegen de lawines aan leugens die ook vandaag nog over Duitsland worden uitgestort; het enige wat hem overbleef was (naar hij dacht), zelfdoding te plegen door zich te verbranden om zo toch nog een signaal aan zijn Duitse landgenoten af te geven; hier stierf een door Zionistische mediale leugens verwonde oorlogsveteraan die zijn land tot het laatst liefhad en zijn land en volk graag hersteld had gezien van de vele demonische leugens die er tot nu toe over zijn uitgegoten!

CEL0jnvWIAA-AWt

 

Ton Nuiten – Zaterdag 25 Juni 2016.

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s