De Tweede Wereldoorlog: de revisionistische visie van wijlen Reinhold Elstner.

“De Feldhernhalle [“Veldmaarschalkenhal”] is een monumentale loggia op de Odeonsplatz in München, Duitsland. Het gebouw, gemodelleerd naar de Loggia del Lanzi in Florence, werd in 1841 in opdracht van koning Ludwich I van Beieren gebouwd ter ere van de traditie van het Beierse leger. In 1923 was het de locatie van de korte veldslag die een einde maakte aan Hitlers Bierhallenputsch. Tijdens het naziregime diende het als monument ter nagedachtenis aan de 15 nazi’s en één omstander die tijdens de opstand om het leven kwamen.”

“Op 25 april 1995 pleegde Reinhold Elstner, een veteraan uit de Tweede Wereldoorlog, zelfverbranding voor de Feldhernhalle om te protesteren tegen “de voortdurende officiële laster en demonisering van het Duitse volk en de Duitse soldaten.” Elk jaar proberen neofascistische groeperingen uit verschillende landen een herdenkingsceremonie voor hem te organiseren, wat de Beierse autoriteiten via staats- en federale rechtbanken proberen te voorkomen.” Aldus Wikipedia: https://en.wikipedia.org/wiki/Feldhernhalle

De afscheidsbrief van Reinhold Elstner. 

Voordat hij zich door zelfverbranding van het leven zou beroven, had Elstner nog een afscheidsbrief opgesteld: hier is de inhoud:

“Duitsers! In Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland en elders ter wereld: ontwaak alstublieft! 50 jaar aanhoudende laster, agschuwelike leugen en demonisering van een heel volk zijn genoeg.

50 jaar aan ongelooflijke beledigingen aan het adres van voormalige Duitse soldaten, aan chantage die miljarden kost en aan “democratische” haat, zijn meer dan we kunnen verdragen.

50 jaar aan gerechtelijke zionistische wraak is voldoende.

50 jaar aan pogingen om een kloof te creëren tussen generaties Duitsers door vaders en grootvaders te criminaliseren is te veel.

Het is ongelooflijk wat we in dit jubileumjaar moeten doorstaan. Een Niagara-achtige vloedgolf van leugen en laster overspoelt ons. Nu ik 75 jaar oud ben, kan ik niet veel meer doen, maar ik kasn nog steeds de dood door zelfverbranding te zoeken; een laatste daad die de Duitsers wellicht tot bezinning kan brengen. Zelfs als door mijn daad maar één Duitser ontwaakt en daardoor de waarheid ontdekt, dan is mijn offer niet tevergeefs geweest.

Ik voelde dat ik geen andere keuze had toen ik me realiseerde dat er nu, na 30 jaar, nog een beetje hoop is dat de rede zal zegevieren. Als iemand die na de oorlog uit zijn huis is verdreven, heb ik altijd één hoop gehad: dat wat de Israëliërs na 2000 jaar is toegekend, namelijk het recht om naar “huis” terug te keren, ook de verdreven Duitsers zou worden toegekend. Wat is er gebeurd met de belofte van zelfbeschikking die in 1919 werd verkondigd toen miljoenen Duitsers onder buitenlands bewind moesten leven? Tot op de dag van vandaag lijden we onder dit onrecht, en ik kan stellen dat de Duitsers daar niet voor verantwoordelijk zijn.

Ik ben een Sudeten-Duitser. Ik had een Tsjechische grootmoeder en aan de andere kant Tsjechische en joodse familieleden van wie sommigen in concentratiekampen zoals Buchenwald, Dora [Nordhausen] en Theresienstadt hadden gezeten. Ik heb nooit tot de nazi-partij behoord, noch tot enige andere groep die ook maar enigszins met het nationaalsocialisme geassocieerd werd. We hadden altijd een uitstekende relatie met onze niet-Duitse familieleden en hielpen  elkaar waar nodig. Tijdens de oorlog zorgde onze levensmiddelenwinkel met bakkerij voor de distributie van voedsel aan de Franse krijgsgevangenen en Ostarbeiter die in de stad woonden. Iedereen werd eerlijk behandeld, waardoor onze zaak na de oorlog niet werd geplunderd, omdat de Franse krijgsgevangenen de winkel bewaakten tot ze vrijkwamen en naar hun eigen land werden gerepatrieerd.

Onze familieleden die in de concentratiekampen gevangen hadden gezeten, kwamen al op 10 mei 1945 [twee dagen nadat de vijandelijkheden waren beëindigd] thuis en boden hun hulp aan. Bijzonder behulpzaam was de joodse oom uit Praag, die in de Tsjechische hoofdstad het afschuwelijke bloedbad had gezien dat Tsjechische partizanen onder de achtergebleven Duitsers hadden aangericht. De gruwel van deze moorden was nog steeds in zijn ogen te lezen, een gruwel die deze voormalige Reichsgevangene tijdens zijn gevangenschap duidelijk niet had meegemaakt. 

Ik was soldaat in de Wehrmacht van het Groot-Duitse Rijk en vocht vanaf dag één aan het Oostfront. Daar komt nog bij dat ik als krijgsgevangene in de Sovjet-Unie een paar jaar dwangarbeid heb verricht. Ik herinner me de Kristallnacht van 1938 nog goed, want die dag ontmoette ik een huilend joods meisje, een meisje met wie ik had gestudeerd. Maar ik was veel meer geschokt toen ik in Rusland zag hoe alle kerken waren ontwijd en als stallen en werkplaatsen werden gebruikt; ik zag de varkens, het gegrom, het geblaat van schapen en het gehamer van machines op heilige plaatsen. Maar het ergste vond ik toen ik zag dat kerken als musea voor atheïsme werden gebruikt. En dit alles gebeurde met de actieve medeplichtigheid van de Joden, die een kleine minderheid vormden, waarvan zoveel leden de beulen van Stalin waren. Vooraanstaand onder hen was de Kaganovich-clan, zeven broers en zussen, die zulke massamoordenaars waren dat vermeende SS-moordenaars er in vergelijking onschuldig uitzien.

Nadat ik na mijn ontslag uit de Russische krijgsgevangenenkampen “naar huis” mocht gaan [wat een bespotting om “naar huis” te zeggen tegen een krijgsgevangene die uit zijn voorouderlijke thuisland verdreven is], hoorde ik voor het eerst over de wreedheden in de Duitse concentratiekampen, maar in eerste instantie niets over gaskamers en het doden van mensen door middel van gifgas. Integendeel, mij werd verteld dat de concentratiekampen Theresienstadt en Buchenwald [Dora] zelfs bordelen hadden voor de gevangenen binnen de kampmuren. Tijdens de Auschwitz-processen [en niet slechts tijdens de Neurenbergprocessen] verklaarde de heer Broszat van het “Instituut voor Moderne Geschiedenis” dat het beroemde getal “zes miljoen” slechts een symbolisch getal is. Ondanks het feit dat de heer Broszat ook had verklaard dat er in geen enkel kamp op Duits grondgebied gaskamers waren gebruikt om mensen te doden, werden bezoekers in Buchenwald, Dachau en Mauthausen en dergelijke vermeende gaskamers getoond. Niets dan leugens tot op de dag van vandaag. 

Alles werd me volkomen duidelijk toen ik tientallen boeken las, geschreven door Joden en antifascisten. Daarnaast kon ik putten uit mijn eigen ervaringen in Rusland. Ik woonde twee jaar in de ziekenhuisstad Porchov, waar al in de eerste winter het gevaar van een tyfusepidemie dreigde en alle ziekenhuizen en eerstehulpposten werden ontsmet met wat we toen ‘KZ-gas’ [concentratiekampgas] noemden, namelijk ‘Zyklon-B’. Daar leerde ik hoe gevaarlijk het was om met dit gas om te gaan, ook al maakte ik geen deel uit van de teams die de gebouwen ontsmetten. Hoe dan ook, sindsdien heb ik geen andere keuze dan alle concentratiekampherinneringen die de vermeende ‘gaskamers’ beschrijven als sprookjes te beschouwen. Dit is wellicht de werkelijke reden waarom alle concentratiekampverslagen [van de slachtoffers, de vertaler] als waarheid worden aangenomen onder een zogenoemde ‘gerechtelijke kennisgeving’ en niet hoeven te worden bewezen of betwist. 

In 1988 bracht de Duitse televisie een reportage over Babi Yar [de kloof bij Kiev in Oekraïne, aldus de vertaler] waarin werd beweerd dat de SS  Joden had gestenigd. Drie jaar later schreef een mevrouw Kayser een artikel voor de krant “tz” in München waarin ze stelde dat deze Joden waren doodgeschoten en dat hun lichamen vervolgens in diepe kloven waren verbrand. Toen haar hiernaar werd gevraagd, wees dr. Kayser naar een boekhandel in Konstanz die het boek “Shoa in Babi Yar” verkocht. Op de dag dat het boek bij mij thuis aankwam, bracht de Duitse televisie een reportage uit Kiev over de bevindingen van een Oekraïense commissie: in Babi Yar bevonden zich de stoffelijke resten van ongeveer 180.000 mensen, allemaal gedood in opdracht van Stalin [vóór 1941, aldus de vertaler].  De Duitsers waren er helemaal niet verantwoordelijk voor. Maar overal ter wereld vind je nog steeds monumenten ter nagedachtenis aan Babi Yar die de Duitsers de schuld geven van de moorden die daar plaatsvonden. [Noot van de vertaler: President Clinton bezocht Babi Yar op 10 mei 1995 en sprak, voor een menora, over de Joden die de Duitsers daar zogenaamd zouden hebben vermoord.] Een regelrechte leugen. 

Gezien de feiten zoals verteld door de heer Broszat, namelijk dat we voorgelogen zijn over de gebeurtenissen in een tiental concentratiekampen, ben ik zelf niet bereid de sprookjes te geloven die de ronde doen over vermeende gebeurtenissen in de kampen in Polen. Ik geloof ook niet in de naoorlogse beschuldigingen dat wij Duitsers bijzonder agressief zouden zijn. Het was immers Duitsland dat de vrede bewaarde van 1871 tot 1914, terwijl Engeland en Frankrijk, de belangrijkste democratieën, het grootste deel van Afrika veroverden en hun invloed via koloniën in Azië uitbreidden. Tegelijkertijd vocht Amerika tegen Spanje en Mexico en Rusland tegen Turkije en Japan. In deze zaken beschouw ik de regering van de Verenigde Staten als bijzonder cynisch, aangezien het juist dat land was dat deze eeuw tweemaal de oceaan overstak om Duitsland aan te vallen en ons richting ‘democratie’ te sturen. Men moet bedenken dat dit een regering was die de oorspronkelijke bewoners van het land heeft uitgeroeid en haar zwarte bevolking tot op de dag van vandaag als tweederangsburgers behandelt.

In de loop der jaren heb ik aardige en behulpzame Joden ontmoet, niet alleen onder mijn familieleden, maar ook als krijgsgevangene in Rusland. In Gorki hielp een joodse professor me weer gezond te worden toen ik aan pleuritis en ernstige oogproblemen leed. Maar ik had ook veel slechte dingen gehoord over deze kleine minderheid. Schreef Churchill in de London Sunday Herald [8 februari 1920] niet het volgende:

“Van de tijd van Spartacus, Weishaupt tot Marx, Trotsky, Bela Khun, Rosa Luxemburg en Emma Goldman is er een wereldwijde samenzwering gaande om onze beschaving te vernietigen en onze maatschappij te veranderen op basis van een ongebreidelde ontwikkeling van lelijke hebzucht en een onmogelijke droom van gelijkheid voor iedereen. Deze samenzwering met haar meedogenloze ondermijning van elke bestaande instelling, was in staat een bende gewetenloze mensen uit de onderwereld van de grote steden van Europa en Amerika te rekruteren om Rusland over te nemen en zich meester te maken van dit grote rijk. Het is niet nodig om de rol die deze goddeloze Joden speelden bij de vestiging van het bolsjewisme te overschatten.” 

Bron: https://hun.politika.narkive.com/UlzTZAbK/reinhold-elstner-s-last-letter-translated-by-hans-schmidt [nadruk toegevoegd]

 

 

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

close-alt close collapse comment ellipsis expand gallery heart lock menu next pinned previous reply search share star