Archief

“OBA Live”: de Onkunde van “Historicus” Els van Diggele; een Stuk Geschiedenis over het Palestina vóór en Tijdens het Britse Mandaat; de Balfour-Declaratie; Els van Diggele vs Amira Hass; Hamas: Creatie van de Israëlische Mossad.

Ongeveer een week geleden hebben we weer eens een talkshow van Nederlandse bodem bekeken, “OBA Live” wat op 19 november 1917 live werd uitgezonden. Het eerste deel van deze show was gewijd aan het boek, “We Haten Elkaar Meer dan de Joden”, van historicus,Els van Diggele. Het boek gaat over (en de titel doet dit al enigszins vermoeden), de Palestijnen die elkaar meer zouden haten dan dat zij de Joden (Israël) zouden haten. Van Diggele heeft in Jeruzalem gewoond maar verhuisde later naar Rammalah om er vele Palestijnen te interviewen voor haar boek. Theodor Holman die het boek gelezen heeft zegt “stomverbaasd” te zijn daar hij niet wist dat de Palestijnen elkaar haten. Maar als Holman zoals hij het zegt, “…Jou stelling is dat de Palestijnse verdeeldheid de stichtin van de Palestijnse staat blokkeert als ik dit goed  samenvat…”, waarna hij zegt dat hij hoewel hij kranten leest die geïnteresseerd zijn in deze kwestie, hij dit niet weet. Van Diggele antwoordt dan dat dit te maken “zou” kunnen hebben “met onze voorliefde voor inheemse volken die slachtoffer zijn van imperialisme en kolonialisme, misschien wellicht ook met de aversie tegen Israël, en de Palestijn, ja, die is in dit, ook in Nederland geïmporteerde conflict, in het collectieve beeld wat we over hem hebben, slachtoffer van de Israëlische bezetting al vijftig jaar, en kennelijk heeft dat onze blik, ehh, heeft dat ons verblind voor dat andere wat er ook nog is namelijk dat die slachtoffer is van z ’n eigen leiders. En dat duurt al twee keer zo lang, ’n eeuw”. https.www.youtube.com/watch?v=J_hVpj5LYcc&t=703s

 

Mohammad Amin al-Hoesseini & Rachmed Nashashibi. 

 

Dit hele eerste deel van deze show (er kwamen daarna nog enkele andere onderwerepen aan bod) wordt de verdeeldheid tussen de Palestijnen (of beter, Palestijnse leiders) flink benadrukt. En die verdeeldheid valt terug te voeren op twee Palestijnse leiders in het verleden, Mohammad Amin al-Hoesseini en Rachmed Nashashibi. Theodor Holman zegt zeer ge:interesseerd te zijn in de geschiedenis van die twee leiders, en, “…dat waren elkaars tegenstanders. Waarom was die spanning tussen hen nu zo bepalend voor de geschiedenis van Palestina?”,  vraagt hij aan Van Diggele. Waarop zij antwoordt met,

“Nou, uhm, ja, ehh, je ziet, in die tijd, in de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw eigenlijk alle ingrendiënten van de, in de, van de Palestijnse geschedenis eigenlijk, alle, eehhh, eehhb, ja, d-dat antwoord op de vraag waarom ze zich eigenlijk niet hebben kunnen organiseren na al die jaren, want dát is wat er speelt”. 

En dat de Palestijnen zich nooit konden organiseren, duurt al decennia zo vult Holman aan. En tot nu toe hebben de Palestijnen hun gemeenschappelijke doel voor een staat niet boven hun wederzijdse conflicten kunne stellen, antwoordt Van Diggele, en,

“Die Nashahibi en Hoesseini leefden in een tijd waarin de Britten de baas waren daar en er moest dan een opstand komen tegen de Britten; nou, die kwam er, dat ging allemaal heel goed in het begin; ze waren het eens; alle neuzen wezen allemaal dezelfde kant op, “We moeten ten strijde trekken tegen de Britten”, maar halverwege de zomer van 1937 wist eigenlijk niemand precies meer waar dat nou, waar die opstand nou over ging; want elk dal daar, en elk dorp, had z ’n eigen bende, ’n eigen bendeleider, die hppf, ja, die waren ook tegen mekaar aan het vechten, dus die opstand tegen de Britten had olie gegooid op het vuur van die overal woedende familie twisten”.  

Aldus zouden de huidige spanningen tussen Palestijnse leiders terug te voeren zijn op de tijd van die twee familiclans volgens Van DiggeleVerder heeft zij het over (wijlen) Yassir Arafat van de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) die een “kankergezwel” zouden zijn en dat de Palestijnse Autoriteit onder Machmoud Abbas een dictatoriaal regime zou zijn wat o. a. het martelen van tegenstanders niet schuwt. We zullen het hier even bij laten. Wát Van Diggele hier enigszins stotterend en haperend zegt, is dat Nasashibi en Hoesseini vonden dat de Palestijnen tegen de Britten op moesten staan; die opstand waartoe beide besloten hadden, kwam er, en die verliep in het begin héél goed. Maar, alas, uiteindelijk wist niemand meer waar die opstand nu voor was bedoeld en daarnaast had er elk “dal” en elk dorp een eigen bende en bendeleider en die vochten “tegen mekaar” en dit waren “familietwisten”. En dit zou dan de reden zijn dat de Palestijnen zich ook nú nog niet kunnen organiseren daar zij elkaar nu tevens méér haten dan de Joodse bezetter.

 

Mohammad Amin al-Hoesseini: Hoofdrolspeler in de Strijd tegen Zionistische Ambities. 

 

Het zou dus allemaal zijn begonnen met Amin al-Hoesseini en Rachmed Nashashibi, die het maar niet met elkaar konden vinden waardoor er van een Palestijnse eenheid niets terecht kwam. En de gevolgen van de oneensgezindheid tussen beide mannen is dat er ook nú nog geen eenheid onder de Palestijnen is; destijds wist niemand meer, waarom die opstand nu was gecreëerd volgens Van Diggele. Maar wat gebeurde er destijds nu wérkelijk? Daarvoor moeten we terug naar het Palestina van vóór het Britse Mandaat. En we hebben iets gevonden over Raghib Nashashibi (dus niet “Rachmed”). Hij leefde van 1881 tot 1951 en was tijdens zijn leven een rijke grondbezitter; de Nashashibi-clan waar Raghib toe behoorde, was in het verleden een van de meest invloedrijke en oudste families in Palestina. De Nashashibi-clan was tevens de rivaal en tegenstander van de Hoesseini-familie. htps://www.revolvy.com/page/Raghib-al%25DNashashibi Over al-Hoesseini hebben we dit gevonden:

“De politieke hoofdrivaal van de (al-Hoesseini)-clan was, vnl. gedurende de Mandaatperiode, de Nashashibi-clan te Jeruzalem. Voor het formele begin van het Britse Mandaat, zetten zowel Musa als Amin al-Hoesseini aan tot de Palestijnse rellen in 1920 wat resulteerde in vele dodelijke slachtoffers. Als gevolg werd Musa als burgemeester vervangen door het hoofd van de rivaliserende Nashashibi-clan”. https://www.revolvy.com/page/Al%252DHusayni-clan Iets verderop lezen we er dit:

“Anders dan de Nashashibi-clan, bleven vele leden van de Hoesseini-clan oppositie en propaganda voeren tegen de Britse Mandaat-regering en de eerste Zionistische immigranten”…”De clan was direct betrokken bij ongeregeldheden zoals de Palestijnse rellen in 1920 en de Arabische Opstand 1936-1993 in Palestina”.

Wat we hier lezen, is een heel ánder verhaal dan wat Van Diggele te vertellen heeft nl. “… dat halverwege de zomer van 1937 wist eigenlijk niemand precies meer waar dat nou, waar die opstand over ging”. Die wisten maar ál te goed waar die opstand over ging zoals later wel duidelijk zal worden. Om het een en ander hierover te kunnen begrijpen, moeten we eerst terug naar het Palestina van vóór het Britse Mandaat …

 

De Palestijnen vóór het Britse Mandaat. 

 

Voor de Britten het mandaaat over Palestina zouden verkrijgen, werd de Arabisch-Palestijnse bevolking er op circa 600.000 mensen geschat. De bevolking was hoodzakelijk samengesteld uit Arabische Moslims. Het land werd er bewerkt door landbouwers, Falachiem genaamd; daarnaast waren er de visserij en de ambachten zoals o. a. de weverijen en de pottenbakkerskunst. In de stad Jaffa, was de haven er in de jaren ’80 van de 18e eeuw herbouwd en vandaar werden er citrusvruchten, gerst, olijfolie van een kleine fabriek in Nablus geëxporteerd naar Engeland. https://www.youtube.com/watch?v=5yVFVKlHCa0 (“Mandatory Palestine: The Palestinians before the British Mandate”) Er wordt meer gezegd, maar waar het om gaat, is wat Anwar Nusseibeh, een Arabisch-Palestijnse leider, te zeggen heeft; hij zegt tijdens een interview dat toen Engeland, Frankrijk en Rusland er hun invloedsfeer over Palestina uit wilden breiden, het resultaat er van was dat hier in 1913 Arabische nationalistische gevoelens ontstaan waren; met andere woorden: men wilde onafhankelijk worden door een eigen Arabische onafhankelijke staat op te zetten. Dan vervolgt de commentaarstem met:

“Op dertig oktober 1918 maken prins Faisal en zijn Arabisch leger maakten hun  zegevierende entree in Damascus. In ruil voor steun aan de Geallieerden. verwacht Faisal te heersen over een onafhankelijke Arabische Republiek die zich uitstrekt van de Perzische Golf tot het Middelandse Zeegebied inclusief Palestina, Syrië en Libanon. Generaal Allenby, heeft samen met kolonel Lawrence een ontmoeting met Faisal met het nieuws dat Frankrijk onder eerdere verdragen Syrië en Libanon zal besturen, en Brittannië de leiding zal krijgen over Palestina waar een Joods thuisland zal worden gegarandeerd. Het is te voorspellen dat Faisal hier sterk tegen protesteert. Faisal, niet uit het veld geslagen door Allenby’s waarschuwingen, eigent zich de titel van gouverneur van Damascus toe. Met de steun van zijn vader, Sharif Hoessein, gaat hij erop uit een machtsbasis te vestigen voor hun doel: een onafhankelijke Arabische staat. Het antwoord” (voor de reden voor deze ontstane problematiek) “ligt deels in de politieke structuur van het land; dat was verdeeld in provincies en districten, bekend als vilayets en samyaks. Jeruzalem en haar district was een onafhankelijke samyak. Haar gouverneur had zonder contact te leggen met Beiroet en Damascus, direct met Constantinopel van doen. Het land van Cham (of Syrië zoals dit bekend was) was geen entiteit. De Arabieren ontwaakten en begonnen met hun politieke activiteiten; de Palestijnenwaar een Joods thuisland verklaarden dat Palestina een onafscheidelijk deel van  Syrië was. Van toen af verwezen zij eerder naar het land van Zuid-Syrië dan Palestina. Faisal, die nu voor 16 maanden gouverneur van Damascus was, had zijn positie verstevigd toen hijj door het Syrisch Nationaal Congres als koning was uitgeroepen, waardoor de Fransen razend werden. waarna generaal Gouraud zijn troepen er heenstuurde. Tegen 7 augustus 1920 was Faisal afgezet en had naar Palestina moeten vluchten. De beloften aan Sharif en Faisal Hoessein van een enkele onafhankelijke staat, waren voor de Europeanen” (Frankrijk en Engeland) “nu een vage herinnering”. 

Wát hier nu zo naar voren komt, is dit: Nadat er dankzij de zich uitbreidende invloedsfeer van Frankrijk en Engeland in het Midden-Oosten er de gevoelens voor een Arabische nationaliteit onder de (Palestijnse) Arabieren waren ontstaan, hadden zowel Sharif Hoesseini en prins Faisal verwacht over een onafhankelijke Arabische Republiek te heersen in ruil voor hun aandeel in de strijd tegen het Ottomaanse Rijk aan de kant van de Geallieerden (Frankrijk en Engeland). Na aan de zijden van de Geallieerden te hebben gestreden, trokken zowel Faisal en zijn Arabische leger triomferend Damascus binnen; zij verwachten nu dat de Geallieerden hun belofte van een onafhankelijke Arabische Republiek gestand zullen doen. Om die reden benoemt Faisal zich tot gouverneur van Damascus wat later de hoofdstad van die Arabische Republiek had moeten worden. Dan krijgt hij bezoek van Allenby (de Britse generaal die Jeruzalem van de Turken heeft bevrijd) en kolonel Lawrence die de prins meedelen dat al besloten is dat het allemaal toch ánders zal verlopen dan hem aanvankelijk was beloofd; Frankrijk zou het mandaat verkrijgen over Syrië en Libanon terwijl Engeland het mandaat zou krijgen over Palestina,  waar een Joods thuisland zal worden gegarandeerd”. Om het eens kort te houden, zowel Sharif Hoesseini als Faisal waren door de Britten verraden en bleken achteraf afgescheept te zijn met lege en loze beloften! Zowel prins Faisal, SHarif Hoesseni en de rest van de Palestijnse Arabieren wisten nu zeer goed dat de Britten nu die hen hadden verraden, voor geen cent te vertrouwen waren! Dit wantrouwen tegenover de Britten zou zich later pas goed uiten tijdens die Arabische Opstand in 1937, en dit had weer te maken met de zgn. Balfour-Declaration…

 

De Balfour-Declaration. 

 

Op 2 november 1917 maakte de Britse regering vertegenwoordigd door Arthur Balfour (destijds de Britse minister van Buitenlandse Zaken), bekend dat Groot-Brittannië sympathiek stond tegenover “de stichting van een nationaal thehuis voor het Joodse volk in Palestina”. Deze korte aantekening zou een van de meest omstreden documenten van de moderne geschiedenis worden. Want hoewel er in de verklaring stond dat er ook rekening zou worden gehouden met de rechten van de inheemse bevolking die er woonde, had Balfour achter gesloten deuren iets ánders te vertellen:

“Als dit betekende dat hiermee de nationale ambities van Arabische Palestijnen zouden worden genegeerd, zo zij het. In sterk contrast met de eerdere garanties voor Arabische onafhankelijkheid geregeld door Lawrence, maakte Balfour de Britse agenda helder en klaar:

“In Palestina stellen we zelfs niet eens de vorm voor, de wensen van de huidige inwoners van het land te raadplegen; het Zionisme, hetzij dit juist of verkeerd, goed of slecht is, is geworteld in eeuwenlange tradities, haar huidige behoeften, in toekomstige verwachtingen en is van fundamenteler belang dan de wensen en vooroordelen van 700.000 Arabieren die dit oude land nu bewonen”. https://www.youtube.com/watch?v=PXTTD77AAns (“WW I Balfour Declaration: British Christian Zionism”, vanaf 12:36)

En de video zelf maakt het al duidelijk: Arthur Balfour en vele anderen van het Britse kabinet in die tijd, waren christenzionisten die op religieuze gronden meenden dat de toestroom van Zionistische immigranten door zou gaan om zo uiteindelijk een Joodse staat te worden. Nadat het nieuws over de Balfour-Declaratie ook de Arabische Palestijnen had bereikt, waarschuwden Arabisch-Paestijnse leiders voor de gevolgen die die voor de Britten zou hebben:

“Met de toename van illegale immigratie onder het Mandaat in Palestina en met de duistere beloften van de Balfour-Declaratie die over het land hingen, gaven Palestijnen deze formele waarschuwing aan Brittannië dat tenzij het haar beleid  om de Joodse immigratie naar Palestina zou wijzigen, hier ernstige gevolgen uit voort zouden vloeien. Brittannië heeft zoals we nu allemaal weten, deze waarschuwing nooit ter harte genomen en zo overspoelde de Palestijnse rellen Palestina van 1936-1939 in burgelijke protesten waarbij vele onschuldige levens verloren gingen. Volgens een Britse bron uit die tijd werden er meer dan 2000 Palestijnen gedood en werden er 100 opgehangen. Alhoewel die door Britse strijdkrachten in Palestina (sommigen werden van buitenaf het land ingebracht), neergeslagen werd, zijn de gevolgen van deze Opstand niet onopgemerkt gebleven gedurende de gebeurtenissen van de gewapende Zionistsiche invasie in het land. Sinsdien hebben die dit conflict vormgegeven”. http://www.1948.org.uk/2010/12/11/a-palestinian-warning-to-britain-just-before-the-1936-palest.html

Op die site is een korte clip van een Palestijnse leider te zien en te horen; hij zegt o. a. dat de Balfour-Declaratie zou leiden tot “… de vervanging van de Arabieren door de Joden”. Zo maakte hij destijds duidelijk dat de Arabische Palestijnen door de Zionistische Joden zouden worden verdreven tenzij de declaratie zou worden gewijzijgd. De Britten gaven echter geen gehoor aan de eisen van de Palestijnen die allemaal tegen die declaratie gekant waren en met goede reden; nadat zij voor de eerste maal door de Britten verraden waren wat de Arabische onafhankelijkheid en zelfbeschikking betreft, wisten de Palestijnen dat de Balfour-Declaratie dan ook niets anders kon zijn dan een voorbode van groot onheil! De Belofte in de declaratie dat er ook rekening zou worden gehouden met de rechten van de inwoners en dat die zouden worden gerspecteerd door de Britten, bleek achteraf niets anders dan een lege belofte te zijn geweest. En de rest weten we: in 1947-48 werden er circa 700.000 Palestijnen op wrede wijze door de Joodse Bolsjewist, David Ben-Gurion en zijn Bolsjewistisch-Joodse militante legers op wrede wijze verdreven van hun woongebied, werden er vele Palestijnen vermoord waarbij de overlevenden in schamele VN-vluchtelingenkampen terecht kwamen.

 

De Verdeeldheid Tussen de Palestijnse Arabieren: Israël & Hamas. 

 

De hierbovenstaande gegevens zulllen waarschijnlijk niet in  het boek van “historicus” Els van Diggele “Wij Haten Elkaar Nog Meer Dan de Joden”, worden teruggevonden; wat die Arabische Opstand aangaat vertelt zij dat die in het begin goed verliep, alle neuzen dezelfde kant opwezen maar dat later niemand meer wist waar die opstand “nou over ging”. En toen … gingen zij maar “tegen mekaar” vechten. En dat is wat die opstand betreft, zowat alles wat Van Diggele te vertellen heeft.

 

Francesca Borri & Top-leider Hamas, Yahya Sinwar: een Leugenachtig Interview. 

 

Net zoals Els van Diggele vele onafhankelijke Palestijnen voor haar boek heeft geïnterviewd, had ook de Italiaanse journalist, Francesca Borri, een interview met een van de topleiders van Hamas, Yahya Sinwar. Dit werd later gepubliceerd in de Italiaanse krant, L’Internatzionale. Borri beweerde dat “… de belegering van Gaza ‘schijn’ is, en Gaza niet wordt belegerd. Zij schilderde Palestijnse mannen af als corrupt en dat de samenleving in Gaza gebrek heeft aan enig politiek agentschap”. De site, “Middle East Monitor” (MEMO), had er aandacht aan Borri en haar artikel geschonken en schreef er hier dit over: Wat moet men dan maken van de ‘Grote Mars voor Terugkeer’  waar langdurige betogingen waar alle sectoren van de samenleving bij betrokken zijn en tienduizenden mannen en vrouwen sinds 30 maart bij de Strook tegen de Israëlische belegering hebben geprotesteerd?” Aan het begin van het artikel van MEMO lezen we dit:

“De Italiaanse journalist Francesca Borri had naar verluidt een interview met de topleider van Hamas in Gaza, Yahya Sinwar. Bronnen van Hamas echter, beschuldigden Borri van liegen over de aard van het interview. Deze bronnen vertelden Al Jazeera dat de Italiaanse journalist slechts foto’s met Sinwar genomen had en dat het interview met zijn persbureau via email gevoerd was. Verder beschuldigde Hamas Borri van het liegen over waar het interview zou worden gepubliceerd. In plaats van dat het verscheen in Italiaanse en Britse kranten (La Repubblica, waar een versie van het interview feitelijk gepubliceerd werd), verkocht zij het interview aan een van de meest gelezen kranten in Israël: Yedioth Ahronoth. Borri, een weinig bekende journalist, zou hebben moeten geweten dat een publicatie van een interview met een Hamas-leider in een Israëlisch-Hebreeuwse krant zonde toestemming van de beweging niet slechts een schending van de journalistieke standaards is, maar bij uitstek ook een politieke actie is. Het was te verwachten dat Hamas in de verdediging ging door te verklaren dat zij voorgelogen waren en dat het interview met Sinwar nooit voor een Israëlisch publiek was bedoeld.” https://www.middleeastmonitor.com/20181005/gaza-siege-is-only-virtual-italian-journalist-who-interviewed-hamas-leader-lacks-credibility/

 

Recensie Boek, “We Haten Elkaar Meer dan de Joden”, door Floris van Straaten van het NRC Handelsblad. 

 

Wat we nu met verwijzing naar het artikel van MEMO het laatste willen doen, is te suggereren dat alles wat Els van Diggele in haar boek over de tweedracht tussen Palestijnse leiders heeft geschreven, “niet waar” zou zijn; zij zal vermoedelijk echt wel een objectief beeld hebben getracht te geven over de oneensgezindheid onder de Palestijnse leiders. We moeten echter ook vaststellen dat Van Diggele vanuit een pro-Israëlisch standpunt schrijft en spreekt en dit maakt het toch ook weer iets moeilijker om het waarheidsgehalte van het boek van Van Diggele goed te kunnen beoordelen. Ofwel, we weten niet of ook álles wat zij over de spanningen tussen de Palestijnse leiders wel op waarheid berust. Aan de andere kant echter, moet ook worden gezegd dat Israël als de “bezettingsmacht” hier eigenlijk de eindverantwoordelijke voor al het lijden van de Palestijnen is, iets wat tijdens het interview tussen Theodor Holman en Van Diggele gewoon niet naar voren komt; de nadruk ligt hier alleen op de tweedracht tussen de leiders onderling waarbij Israël als de bezetter bijna geen rol in speelt. Dat de Palestijnen onderling verdeeld zijn, is ook de mening van Floris van Straaten van het NRC Handelsblad; hij heeft het boek van Van Diggele gerecenseerd en wát hij erover te zeggen heeft, maakt het duidelijk met de titel van zijn recensie, “In de Palestijnse slangenkuil”. En dit hoeft nogmaals gezegd, allemaal niet onjuist te zijn. Tegen het einde van zijn rececentie schrijft Van Straaten echter ook het volgende over het boek van Van Diggele:

“Aan het einde van haar onthustende boek trekt Van Diggele de harde conclusie dat de verdeeldheid onder de Palestijnen er de oorzaak van is dat de vestiging van een onafhankelijke Palestijnse staat niet meer tot de mogelijkheden behoort. Met andere woorden: eigen schuld dikke bult. Toch wringt die snoeiharde conclusie en daarmee kom ik op mijn voornaamste kritiekpunt op dit boek. Hoe overtuigend Van Diggele ook is over de kwalijke gevolgen van de onderlinge Palestijnse verdeeldheid, ze had mijns inziens minimaal een hoofdstuk extra moeten wijden aan de vraag: in hoeverre is die verdeeldheid te wijten aan Israël en de bijna onmogelijke uitgangspositie waarin de Palestijnen deels buiten hun schuld zijn beland? Hoe is er bijvoorbeeld een levensvatbaar bestuur in de Gazastrook mogelijk zolang het hermetisch is afgesloten door Israël (en aan de andere kant door Egypte)? Hoe kunnen Palestijnen ooit blijven geloven in een eigen staat als er steeds maar weer stukken land worden afgepakt door Israëlische kolonisten? En war doet vijftig jaar bezettinh en repressie met een volk in psychologisch opzicht? Over zulke fundamentele vragen lezen we verder niets in dit verder zo sterke boek”. https://www.ncr.nl/nieuws/2017/10/20/in-de-palestijnse-slangenkuil-13579734-a1577962

 

Els van Diggele vs Amira Hass. 

 

Zoals gezegd, was Van Diggele vanuit Jeruzalem naar Ramallah gegaan om daar de vele onafhankelijke Palestijnen te interviewen en die zeiden dat zij (de leiders) elkaar meer haatten dan dat zij de Joden zouden haten. Maar er is ook iemand anders die een tijd doorgebracht had in de bezette gebieden (en geen “bewtiste gebieden”!) en haar naam is Amira Hass, een Israëlische journalist; zij was naar die gebieden gegaan omdat zij zich het armzalige lot waaronder de Palestijnen verkeren, aangetrokken had.In de zomer van 2006 was de nood in de Gazastroo zo hoog opgelopen daar er geen electriciteit meer beschikbaar was; Israël had er gedurende de Israëlische militaire operatie, “Zomerregen” nl. een bombardement uitgevoerd op de electriciteiscentrale in Gaza. Zo hadden er o.a tweeëntwintig ziekenhuizen in Gaza geeen electriciteit meer Aggregaten had men er wel maar men had er maar voor een paar dagen brandstof daar Israël ook de grens van Gaza afgesloten had doordat er geen aanvoer (van o. a. brandstof) meer mogelijk was. Aanvoer van de hoognodige medicamenten was eveneens onmogelojk geworden en dat wat er nog aan medicamenten in Gaza was, was verdorven doordat de koeling er niet meer werkte. Het gevolg was dat er honderden medische operaties moesten wrden uitgesteld, wat levensbedreigend was voor hen die o. a, van nierdialyse afhankelijk waren en zij die op dat moment op de intesive care lagen. Tevens waren er boeren van de West-Oever gekomen met vrachtladingen vol fruit om de inwoners van Gaza te voeden; aangezien die na dagenlang wachten aan de door Israël afgesloten grens en uiteindelijk geen permissie kregen de grens met Gaza over te steken, konden die landbouwers al die grote vrachten aan fruit weggooien. Waarom? Omdat het intussen allemaal verdorven en dus oneetbaar geworden was. In die tijd waren het meer dan 30.000 Gazaanse kinderen die aan ondervoeding te lijden hadden. Een van de gevolgen van deze door Israël genomen wrede en onverantwoorde maatregelen was dat de spanningen er tussen leden van Hamas en Fatah er zo hoog opliepen dat die elkaar te lijf gingen. En Amira Hass die van al deze ellende getuige was, besloot toen een zeer kritisch artikel in een van de prominente kranten van Israël, Haaretz, te schrijven; zij is nl. correspondent voor Haaretz voor de bezette gebieden, en schreef er o. a. dit over:

“De Palestijnen moorden elkaar uit. Dat is gedrag dat je kunt verwachten aan het eind van een langjarig experiment dat heet, “Wat gebeurt er als 1,4 miljoen mensen als legbatterijkippen in een beperkte ruimte opsluit?” (“Een Schreeuw om Recht: De tragedie van het Palestijnse volk”, Dries van Agt (De Bezige Bij) 2009, blz. 150-151, 153)

Hier zien we dus de spanningen tussen Palestijnse leiders onderling zoals door Amira Hass weergegeven; die waren hier niet de oorzaak van omdat zij elkaar meer zouden haten dan dat zij de Joden haten ) zoals Van Diggele losjes verkondigt) maar de oorzaak was hier de wrede wurggreep die Israël had (en eigenlijk nog steeds heeft) of Gaza! Bij Els van Diggele horen we hier weinig of niets van terug in de uitzending van OBA Live. Hier is nog een uitgebreid interview met Hass en de Palestinian Chronicle van 29 december 2008: http://www.palestinecrhonicle.com/gaza-and-israel-interview-with-amira-hass/

 

Verdeeldheid Palestijnse Leiders Deels (of Geheel?) Veroorzaakt door Israël. 

 

En wat Amira Hass destijds zei, zien we ook weer terug bij Floris van Straaten ; het is de Israëlische bezetter die hier ook een (grote) rol in speelt; de nadruk in het boek van Van Diggele ligt echter vnl. (zo niet alleen) op de verdeeldheid van Palestijnse leiders onderling terwijl de jarenlange bezetting en repressie door Israël tegen de Palestijnen in haar betoog nagenoeg geen enkele rol speelt. En zo komt dit ook in de uitzending van OBA Live naar voren. Theodor Holman deelde mee zeer verbaasd te zijn dat hijzelf niets afwist van die onderlinge Palestijnse verdeeldheid. Hij zou echter nog méér verbaasd zijn geweest als hij zou hebben geweten van het feit dat het juist Israël zélf is, die (deels of geheel) voor die Palestijnse verdeeldheid verantwoordelijk is! De vraag doemt dan op, “Ja, maar hij kán het dan dat Israël zelf hier verantwoordelijk zou zijn?” En die vraag is nl. te begrijpen; evenals we niets over de Palestijnse verdeeldheid in de kranten hebben gelezen, zo hebben we ook nooit in diezélfde kranten gelezen (en via de media vernomen om dit er maar even bij te voegen), dat Hamas eigenlijk een creatie van Israël zélf is! Met wat voor doel dan? Om ervoor te zorgen dat het de Palestijnen als geheel onmogelijk wordt gemaakt, één énkele vuist tegen de Israëlische bezetter op te heffen; hier komt weer het oude spelletje van “verdeel-en-heers” om de hoek kijken; zolang bepaalde groepen die gezamelijk één visie voor ogen hebben (in dit geval zijn het de Palestijnse leiders die gezamelijk een eigen Palestijnse staat voor ogen hebben maar hierbij tot op het bot verdeeld over zijn, hóe die te verkrijgen), maar het niet met elkaar eens zijn hóe die te verwezenlijken, kan de bezettende macht zijn heerschappij doen zonder enige noemenswaardige oppositie doen gelden. Hier is een site waar te lezen is dat Hamas een creatie is van de Israëlische Mossad: wariscrime.com/new/hamas-was-founded-by-mossad/ En dit is er zoal te lezen:

“Dankzij de Mossad, Israël’s “Instituut voor Inlichtingen en Speciale Taken” werd het Hamas toegestaan haar aanwezigheid in de bezette gebieden te versterken. Ondertussen werden Arafat’s Fatah-beweiging voor Nationale Bevrijding evenals Palestijns Links blootgesteld aan de meest wrede vorm van repressie en intimidatie. Laten we niet vergeten dat het Israël was wat Hamas eigenlijk creëerde. Volgens Zeev Sternell, historicus aan de Hebreeuwse Universiteit van Jeruzalem, “dacht Israël dat het een slimme zet was, de Islamieten tegen de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) op te zetten”. Ministerpresident, Golda Meir zag Ahmed Yassin. de spirituele leider van de Islamitiache Beweging in Palestina, die in de jaren zeventig uit Caïro teruggekeerd was en een islamitische liefdadigheidsvereniging opgericht had, als een gelegenheid om tegenwicht te bieden aan de opkomende Fath-beweging van Arafat. Volgens het Israëlische weekblad Koteret Rashit (Oktober 1987): “Zowel de islamitische verenigingen als de universiteit werden gesteund en aangemoedigd door het Israëlische militaire gezag” als leiding over het (burgelij) bestuur over de West=Oever en Gaza”. 

En ook,

“De Islamieten zetten weeshuizen en gezondheidsklinieken op evenals een netwerk aan scholen, werkplaatsen waarmee werkgelegenheid voor vrouwen gecreëerd werd alsook een financieel hulpstelsel voor de armen “Het Militaire Gezag was ervan overtuigd dat deze activiteiten zowel de PLO als de linkse organisaties in Gaza zouden verzwakken”. Aan het einde van 1992 waren er zeshonderd moskeeën in Gaza. Dankzij de inlichtingendienst van Israël, Mossad (Israël’s Instituut voor Inlichtingen en Speciale Taken), werd het de Islamieten toegestaan hun aanwezigheid in de bezette gebieden te versterken terwijl de leden van de Fatah (Beweging voor de Nationale Bevrijding van Palestina) blootgesteld werden aan de meest wrede vormen van repressie”. 

En zo wordt duidelijk dat hoewel een deel van de onderlinge Palestijnse verdeeldheid aan Palestijnse leiders zelf misschien toegeschreven zou kunnen worden, het vnl. Israël (de Mossad) is, die hier een hoofdrol in heeft vervuld en dit ook ná het overlijden van Arafat nu nóg doet! En dit zijn feiten die niet alleen Holman maar ook Van Diggele en Elma Drayer (die er ook tijdens andere uitzendingen van OBA Live kennelijk te gast is), volkomen onbekend zijn. Maar dit had niet gehoeven als zij nu maar niet zo ’n weerzin hadden tegen wat in de volksmond ook wel “complottheorieën” genoemd wordt! Als zij de site van “wariscrime” bezocht hadden, hadden zij dit kunnen weten. Of Van Diggele ook déze gegevens in haar boek opgenomen zou hebben, valt echter te betwijfelen. Anders zou Elma Drayer (Joods) zich hierbij heel wat ongemakkelijker bij hebben gevoeld!

 

MP van Israël Benjamin Netanyahu & Hamas. 

 

Dat Hamas ook nú nog een zeer handig hulpmiddel is om niet slechts de Palestijnse verdeeldheid in stand te houden maar tevens om de stichting van een Palestijnse staat te voorkomen, werd afgelopen donderdag 15 november (2018) weer eens duidelijk; in het tijdschrift + 972 online, lezen we er het volgende:

“NETANYAHU ZIT OPGESCHEEPT MET HAMAS EN HIJ WIL DIT GRAAG ZO HOUDEN”. 

“Netanyahu begrijpt dat het aan de macht houden van Hamas een zware politieke prijs zal betekenen, maar zolang dit de mogelijkheid van een Palestijnse staat dwarsboomt, is het hem de moeite waard”. 

“Alhoewel Netanyahu toen hij in 2009 weer ministerpresident werd, de politieke verdeeldheid tussen Hamas in de Gazastrook en Fatah op de West-Oever “beërfde”, is deze schisma in zijn ogen een belangrijke troef. Sinds begin jaren ’90 was Israël erop uit Gaza van de West-Oever te scheiden door inreisvisa te weigeren en dan de afsluiting en belegering van Gaza af te dwingen. De gedachte was dat door de twee Palestijnse organisaties te scheiden, Israël de eis van de PLO voor een staat aan banden kon leggen. Het feit dat de West-Oever en de Gazastrook worden gerund door twee verschillende Palestijnse regeringen is een politieke goudmijn voor degenen die een stichting van een onafhankelijke Palestijnse staat willen verhinderen. Netanyahu staat zoals we gezien hebben, vastbesloten achter dit plan. In zijn ogen heeft de handhaving van het Hamas-regime in Gaza een strategische prioriteit en elke ontwikkeling die zou kunnen leiden tot een onafhankelijke staat in Gaza afgescheiden van de West-Oever, is een positieve ontwikkeling. Als Gaza in een onafhankelijk “emiraat” verandert zoals sommige rechtse plitici dit zich voorstellen, zal dit de genadeslag zijn voor de Palestijnse president Machmoud Abbas -of wie hem dan ook opvolgt in het vertegenwoordigen van het Palestijnse volk”. https://972mag.com/netanyahu-may-lost-gaza-winning-war/138688/

Wat we hier allemaal lezen, is natuurlijk een heel ánder verhaal dan wat Els van Diggele te vertellen had! Of het nu wérkelijk alleen de Palestijnse leiders zijn die de stichting van een onafhankelijke Palestijnse staat verhinderen door hun onderlinge verdeeldheid? Nee, mevrouw, kijk maar eerst eens naar deze gegevens hier over Netanyahu met zijn verdeeldheid zaaien tussen verschillende Palestijnse facties. Om die reden adviseren we haar dringend en raden haar vriendelijk doch ferm aan, eens een ánder, een nieuw boek te schrijven met bijvoorbeeld deze titel in gedachten, “Netanyahu en zijn Lukidpartij Haten de Palestijnen  Meer dan de Palestijnen de Joden Haten”. Wel, mevrouw van Diggele, hiermede valt uw anti- Palestijnse theorie, Wij Haten Elkaar Meer dan de Joden” grotendeels aan diggelen! 

 

Ton Nuiten – Zaterdag 17 November 2018.

 

 

 

 

 

 

Professor Willem J. Ouweneel & Diens Dierbare Herinneringen aan Shimon Peres: Zijn Slaafse Huldebetoon aan een Farizeïsch-Ashkenazisch-Khazariaanse Massamoordenaar; De Bloedbaden te Qana en Jenin; Volkskrant & Anti-Semitisme? & het CIDI Ziet Ze Vliegen; Joods Nepnieuws = “Joodse Verzinsels”.

Op 28 september 2018 jl. was het twee jaar geleden dat Shimon Peres overleed. Zijn uitvaart en begrafenis werd bijgewoond door vele staatshoofden en andere prominenten die niets anders dan lof voor hem hadden. Verschillende van hen hielden een lofreden waaronder o. a. voormalig president Bill Clinton. En uiteraard was daar ook Benjamin Netanyahu, de huidige premier van Israël die vol lof over Peres was. Ook onze eigen premier, Mark Rutte, was aanwezig die echter geen huldespeech gaf. Maar alle aanwezigen waren het in ieder geval over één ding eens: die Shimon Peres was een geweldige vent! 

 

Willem J. Ouweneel: Ontroerende Herinneringen. 

 

Een van hen die twee jaar later op de genoemde datum met plezier aan Peres terugdacht, is Willem J. Ouweneel, een Nederlandse bioloog, filosoof en theoloog. Als christelijke wetenschapper heeft hij verschillende werken op zijn naam staan. Hier is zijn biografie: https://nl.wikipedia.org/wiki.Willem_Ouweneel Over Shimon Peres had Ouweneel o. a. het volgende te zeggen:

“Zijn religieuze opvoeding had hij vooral gekregen van zijn grootvader aan moeders zijde: Rabbi Zvi Hirschel Meltzer (circa 1684-vermoord 1942), die zelf een kleinzoon was van de nóg beroemdere Rabbi Chain Volozhin (1749-1821; Volozhin is een stad in Wit-Rusland). Deze was weer de voornaamste leerling van één van de grootste Joodse geleerden aller tijden: de Vilna Gaon (1720-1797). Ik kende Chaim Volozhin allang (ik schreef over hem in mijn boek “Een dubbelsnoer van licht”), maar pas onlangs kwam ik erachter dat hij een betovergrootvader was van die geweldige Israëliër: Shimon Peres”. https://cip.nl/cip+/69779-shimon-peres-en-de-strijd-tussen-evangelischen-en-gereformeerden/ Ouweneel is vol lof over de Vilna Gaon (afgekort GRA). Die scheen het niet altijd te kunnen vinden met de Chassidim, waarover hij in 1772 een banvloek over uitsprak wegens verschillende opvattingen (of de Talmudische leer met studie gepaard diende te gaan of niet). Later zocht de GRA toenadering tot de Chassidim en verzoenden beide partijen zich met elkaar. Dan lezen we,

“Shimon Peres was duidelijk trots op zijn voorvader over wie hij via zijn grootvader zoveel gehoord had. Het onderwijs dat Rabbi Chaim Volozjin in diens zelf gestichte jesjiva (d. i. Talmoedschool) in Volozjin gaf (de school bestond van 1803 tot 1892) was, in de geest van GRA, geschoeid op wat wij modern-wetenschappelijke leest zouden noemen: geordende lessen in klaslokalen, door bevoegde docenten, volgens een duidelijk leerplan. Vandaag de dag is dat in orthodoxe jesjiva’s inmiddels heel gewoon. Opmerkelijk is dat GRA enkele honderden volgelingen aanspoorde om alija te maken, d. i. naar het Helige Land te emigreren. Chassidim haddan dat al eerder gedaan. Er waren in Palestina al heel wat Sefardische Joden, maar de komst van de Peroesjim zoals GRA’s volgelingen genoemd werden, betekende een belangrijke instroom van Ashkenazische Joden. Zij waren het die o. a. de ultra-orthodoxe wijk Mea Sjearim in Jeruzalem stichtten en de bekende Choerva-synagoge herbouwden. De naam Peroesjim bestond al rond het begin van de jaartelling; het woord ‘Farizeeën’ is er een verbastering van”. 

Zoals hier uit op te maken valt, is Ouweneel vol lof over Shimon Peres en diens rabbijnse voorvaderen. Wat hier echter zo opvalt in het artikel van Ouweneel, is dat “Peroesjim” zoals hij het zegt, een verbastering van de term, “Farizeeën” is. Deze Peroesjim (de Ashkenazische Joden die Palestina binnentrokken) waren dus de verre nazaten van de oude Farizeeën zoals we die tegenkomen in de Evangeliën en in iets mindere mate in het bijbelboek, Handelingen. 

 

Jezus Christus vs de Farizeeën. 

 

In het Oude Testament komen we ze nérgens tegen, in de Evangeliën maar al te vaak; de Farizeeën! Eenieder die de Evangeliën maar enigszins kent, weet dat de tegenstand die Jezus tijdens Zijn bediening in Israël te verduren had, vnl. zo niet alleen van de schriftgeleerden en de Farizeeën afkomstig was. Waar de Farizeeën vooral zo woedend op Jezus waren, was dat Hij de Sabbat, die voor hen een belangrijkere dag was dan alle andere, vaak schond. Die mocht volgens hen om wélke reden dan ook, nooit geschonden worden; zelfs niet als er iemand genezen moest worden. Een dergelijk voorval komen we tegen in het Evangelie naar Lukas: 

“En het gebeurde, toen Hij in het huis van een van de leiders van de Farizeeën gekomen was op een sabbat om brood te eten, dat zij scherp op Hem letten. En zie, voor Hem stond iemand die leed aan waterzucht. En Jezus antwoordde en zei tegen de wetgeleerde en Farizeeën: Is het geoorloofd op de sabbat gezond te maken? Maar zij zwegen. En Hij greep hem vast, genas hem en liet hem gaan. En Hij zei, terwijl Hij Zich tot hen richtte: Wie van u zal, wanneer zijn ezel of os in een put valt, deze er niet meteen uittrekken op de dagg van de sabbat? En zij konden Hem daarop geen antwoord geven”. (Lukas 14:1-6)

Als het aan de Farizeeën had gelegen, zou deze man niet genezen zijn op die dag; de religieuze verplichtingen hadden voor hen de hoofdprioriteit; of daar anderen onder te lijden hadden, maakte voor hen geen verschil! Ook wat het uitdrijven van demonen betreft, ondervond Jezus weerstand van de Farizeeën:

“Toen dezen weggingen, zie, men bracht iemand bij Hem die niet konspreken en door een demon bezeten was. En toen de demon uitgedreven was, sprak hij die niet had kunnen spreken. En de menigte verwonderde zich en zei: Er is nog nooit zoiets in Israël gezien! Maar da Farizeeën zeiden: Hij drijft de demonen uit door de aanvoerder van de demonen”. (Mattheüs 9:32-34)

Hier beweerden de Farizeeën op verhulde wijze dat Jezus door Satan, de duivel, geleid werd om demonen uit te drijven! Dergelijke tegenstand ondervond Jezus tevens van de Joden; zij waren door de Farizeeën onderwezen en hadden evenals zij een grote hekel aan Jezus:

“Ik weet dat u Abrahams nageslacht bent, maar u probeert Mij te doden, omdat Mijn woord in u geen plaats krijgt. Ik spreek over wat Ik bij Mijn Vader gezien heb, , u doet dus ook wat u bij uw vader gezien hebt. Zij antwoordden en zeiden tegen Hem: Abraham is onze vader. Jezus zei tegen hen: Als u Abrahams kinderen was, zou u de werken van Abraham doen. Maar nu probeert u Mij te doden, een Mens Die de waarheid tot u gesproken heeft, die Ik van God gehoord heb. Dat deed Abraham niet. U doet de werek van uw vader. Zij zeiden dan tegen Hem: Wij zijn niet geboren uit hoererij; wij hebben één Vader namelijk God. Jezus dan zei tegen hen: Als God uw Vader was, zou u Mij liefhebben; want Ik ben van God uitgegaan en gekomen. Want Ik ben ook  niet uit Mijzelf gekomen, maar Hij heeft Mij gezonden. Waarom begrijpt u niet wat Ik zeg? Omdat u Mijn woord niet kunt horen. U bent uit uw vader de duivel, en wilt de begeerten van uw vader doen; die was een mensenmoordenaar van het begin af, en staat niet in de waarheid, want er is in hem geen waarheid. Wanneer hij de leugen spreekt, spreekt hij vanuit wat van hemzelf is, want hij is een leugenaar en de vader van de leugen. Maar Mij, omdat Ik de waarheid spreek, Mij gelooft u niet. Wie van u overtuigt Mij van zonde? En als Ik de waarheid spreek, waarom gelooft u Mij  niet? Wie uit God is, hoort de woorden van God; daarom hoort u niet, omdat u niet uit God bent. De Joden dan antwoordden en zeiden tegen Hem: Zeggen wij niet terecht dat U een Samaritaan bent en door een demon bezeten bent? Jezus antwoordde: Ik ben niet door een demon bezeten, maar Ik eer Mijn Vader, en u onteert Mij”. (Johannes 8:37-49)

En uiteindelijk trachtten de Joden Hem inderdaad te doden door middel van steniging:

“Zij namen dan stenen op om ze op Hem te werpen. Maar Jezus verborg Zich en ging de tempel uit. Hij ging midden tussen hen door en zo ging Hij weg”. (vers 59)

 

De “Profetie” van Jezus: van Joden tot Khazariërs. 

 

Uit het bovenstaande alleen al, blijkt hoezeer Jezus door de Farizeeën, schriftgeleerden en Joden gehaat werd. Tijdens Zijn bediening sprak Jezus ook iets tegenover de schriftgeleerden en Farizeeërs uit, wat we als een “profetie”  zouden kunnen beschouwen die later op dramatische wijze vervuld zou worden:

“Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars, want u reist zee en land af om één proseliet te maken, en als hij het geworden is, maakt u hem een kind van de hel, dubbel zo erg als u”. (Mattheüs 23:15)

Vele, vele jaren later, zouden de Joden nadat zij uit het land Israël verdreven waren, op hun zwerftochten in contact komen met een heidens en oorlogszuchtig volk, de Khazariërs geheten. Het zou dan zijn,dat dit volk zich door toedoen van de Joden zich tot het Talmudische Judaïsme zou bekeren; gebeurde dit aanvankelijk op beperkte wijze, spoedig daarna zou niet slechts het koninklijk hof van koning Bulan bekeerd zijn, maar uiteindelijk ook zijn gehele volk. En het zijn deze Khazariërs die later bekend zouden worden als de Ashkenazische Joden. En enkele verre nazaten van deze Joden waren weer o. a. Rabbi Chaim Volozhin en daar weer een nakomeling van, Shimon Peres geheten. En net zoals zijn Khazariaanse voorvaderen waarvan die vaderen weer de oude Farizeeërs waren, hing ook Shimon Peres zich aan de Talmudische (Farizeïsche) religie. Nu is de vraag: zijn de Khazariaanse Joden (de goeden onder hen beslist niet nagesproken, want die zijn er ook!), vandaag de dag wérkelijk dubbel zo erg als eens hun Farizeïsche voorvaderen geweest waren? Om dit al of niet vast te kunnen stellen, moeten we eens naar enkele “prestaties” van één van hen, de genoemde Shimon Peres, kijken: https://www.counterpunch.org/2016/09/29/the-butcher-of-qana-shimon-peres-was-no-peacemaker/

 

Shimon Peres; de “Slachter van Qana. 

 

Deze ene verre nazaat der oude Farizeeën, zou later furore maken als de “Slachter van Qana”. De journalist, Robert Fisk, had na het horen van Peres’ overlijden het volgende over hem en de wereld te zeggen:

“Toen de wereld hoorde dat Peres gestorven was, schreeuwde die: “Vredestichter!”Maar toen ik hoorde dat Peres dood was, dacht ik aan bloed, vuur en slachting. Ik zag de resultaten: uit elkaar gereten baby’s, schreeuwende vluchtelingen, smeulende lichamen. Het was een plaats, Qana genaamd en de meeste van de 106 lichamen -waarvan de helft kinderen- liggen nu onder het VN-kamp waar zij in 1996 door Israëlische granaten aan stukken werden gereten.

Ik was net buiten dit Zuid-Libanese dorp bij een VN-hulpkonvooi geweest. Deze granaten sisten recht over onze hoofden, in de volgepakte vluchtelingen onder ons. Dit duurde voor 17 minuten. Shimon Peres, kandidaat gesteld voor de verkiezingen als ministerpresident van Israël -een post die hij verwierf nadat zijn voorganger Yitzhak Rabin vermoord was- besloot zijn geloofsbrieven voor de verkiezingsdag te vergroten door Libanon aan te vallen. De houder van deNobel-Prijs gebruikte als excuus het afvuren van Katoesja-raketten door Hezbollah over de Libanese grens. Hun raketten waren eigenlijk een vergelding voor de moord op een kleine Libanese jongen door een boobytrap waarvan zij vermoeden dat die er door een Israëlische patroulje achtergelaten was. Het maakte echter niets uit.

Enkele dagen later kwamen Israëlische troepen dicht bij Qana onder vuur te liggen en vergolden dit door het vuur in het dorp te openen. Hun eerste granaat trof een begraafplaats die door Hezbollah gebruikt werd; de rest vloog direct in het VN-Jiji-kamp waar honderden burgers aan het schuilen waren. Peres kondigde” (later) “aan dat, “We wisten niet dat er enkele honderden mensen in dat kamp geconcentreerd waren. Voor ons kwam dit als een bittere verrassing”. Het was een leugen. Na hun invasie in 1982 hadden zij Qana voor jaren bezet, hadden een video van het kamp en gedurende het bloedbad in 1996 lieten zij zelfs een drone over het kamp vliegen -een feit dat zij ontkenden totdat een VN-soldaat mij zijn video van de drone gaf  waarvan we de fragmenten in The Independent publiceerden. De VN had Israël herhaaldelijk verteld dat het kamp volgepakt was met vluchtelingen. Dit was Peres’ bijdrage aan de Libanese vrede. Hij verloor de verkiezingen en dacht waarschijnlijk nooit meer aan Qana. Maar ik ben het nooit vergeten.

Toen ik de VN-poorten” (van het kamp) “bereikte, stroomde het bloed er doorheen in stromen. Ik kon het ruiken. Het stroomde over onze schoenen en bleef er aan plakken als lijm. Er lagen benen en armen, baby’s zonder hoofd, hoofden van oude mannen zonder lichaam. Het lichaam van een man hing in twee stukken in een brandende boom. Wát er van hem overgebleven was, brandde. Op de treden van de barakken zat een meisje die een man met grijs haar vasthield, haar arm rond zijn schouder. Zijn ogen staarden naar haar. Voortdurend klaagde, treurde en huilde zij: “Mijn vader, mijn vader”. Als zij nog in leven is (en er zou in de komende jaren nóg een bloedbad in Qana zijn ditmaal door de Israëlische luchtmacht), dan betwijfel ik of het woord, “vredestichter” over haar lippen zal komen”. 

Dit is dan wat deze verre nazaat der oude Farizeeërs, Shimon Peres geheten, als “vredestichter” zoals hij door de wereld en tijdens de begrafenisplechtigheid zo liefkozend werd genoemd, aan de vrede had bijgedragen! En professor Willem J. Oeweneel deed afgelopen 28 september jl. niet voor hen onder! Hij wist dat Peres een verre nazaat der oude Farizeeërs was wat blijkt uit wat hij schreef. Als hij nu ook een de Evangeliën nu maar eens goed had gelezen, zou hij geweten moeten hebben dat Peres maar een twijfelachtige afkomst had. Zoals we gezien hebben, hadden de Farizeeën in de tijd van Jezus nu niet bepaald een goede reputatie! En dat zou Ouweneel (die immers zelf toch ook over een Bijbel beschikt!) toch geweten moeten hebben! In plaats daarvan besloot hij op die bewuste dag in september jl. een huldebetoon te brengen aan een Farizeïsch-Ashkenazische massamoordenaar! En de woorden van Jezus in Johannes 8:44 zijn vandaag de dag nu meer waar dan ooit tevoren: de duivel ís een moordenaar en de vader der leugen. En we hebben gezien hoe Peres en Israël (zijn “kinderen”) hebben gemoord en gelogen betreffende het door hen aangerichte bloedbad in Qana. Later zouden de massamoorden in december/januari 2008/2009 en die in de zomer van 2014 volgen. Nu zitten we in november 2018 en zijn de Palestijnen er nu al vanaf maart van dit jaar bezig met hun “Mars tot Recht op Terugkeer”. We zien hoe de demonstranten er voor de grens tussen Isrél en Gaza met scherp worden beschoten door Israëlische sluipschutters; er zij al flink wat doden en nog meer gewonden gevallen. Aangezien we in het verleden méér dan eens gezien hebben hoe de Israëlische lucht- en krijgsmacht Gaza aan- en binnengevallen hebben, is het dan ook niet de vraag, óf er weer een massaslachting door de “kinderen vande boze” zal worden gepleegd, maar wannéér dit weer eens zal gebeuren. En voor Wilem J. Ouweneel (en gelijkgezinden) zou het eens goed zijn om dát te doen wat Jezus eens tegen de Farizeeërs deed: een zeer kritische vinger uitsteken naar Israël en de woorden, “U bent uit uw vader de duivel en wilt de begeerten van uw vader doen; die was een mensenmoordenaar van het begin af” hier niet bij zullen schuwen! Tot nu toe echter, hebben zij hen juist de helpende hand geboden. En het wordt eens tijd dat dit zal stoppen!

 

Shimon Peres over het Bloedbad te Jenin: “een Bloedbad”. 

 

April 2002. In die tijd werd er in Jenin door het Israëlische leger een bloedbad aangericht onder de inwoners. In april dit jaar was dit zestien jaar geleden. Gedurende de Israëlische operatie, Defensive Shield, vielen Israëlische strijdkrachten zes grote steden, omringende dorpen en vluchtelingenkampen op de West-Oever binnen. Die zouden ogenschijnlijk in die tijd onder gezag van de Palestijnse Autoriteit hebben gestaan:

“De Verenigde Naties concludeerden in een rapport dat het Israëlische leger talloze Palestijnen hadden gedood in een kamp van slechts 0, 4 vierkante kilometer en circa 15.000 mensen herbergt. Na de aanval kwam hier een lang debat uit voort over het aantal slachtoffers. Vanwege de directe verwoesting die er in het kamp heerste, werden de aantallen gedacht zeer hoog te zijn. Israël had leden van een VN-onderzoekscommissie voor het uitvoeren van een onderzoek, verplicht door de Veiligheidsraad, de toegang ontzegd, maar een daaropvolgend rapport opgesteld door de secretaris-generaal, concludeerde dat er in  het vluchtelingekamp Jenin minstens 52 Palestijnen gedood waren. In de loop van de aanval door Israël over de West-Oever van maart tot mei 2002, zijn er circa 500 Palestijnen gedood en er nog eens 1.500 gewond geraakt”. https://electronicintifada.net/content/jenin-wont-forget-israels-massacre/20221

Shimon Peres nu, was destijds de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken. En terwijl het bloedbad in Jenin in die tijd aan de gang was (en er waren er toen al meer dan 100 Palestijnen omgekomen), begon Peres zich zorgen te maken mochten er details over deze slachting naar buiten komen. Dit vanwege de te verwachten internationale reacties. Ook verschillende Israëlische officieren lieten hun bezorgdheid blijken; al die verwoesting en ravage die er the Jenin aangericht werd, zou het imago van Israël beslist geen goed doen. De Israëlische bulldozers die er eveneens bij deze militaire operatie ingezet waren, “scheerden” de huizen er van de aardbodem weg! Het was om die reden dat Peres onder vier ogen naar de verwoesting in Jenin verwees als een “bloedbad”. https://www.haaretz.com/1.5269260 (“Peres calls IDF operation in Jenin a ‘massacre’ “) Let wel, Peres lag er niet wakker van hoevele Palestijnen er  nu weer om het leven zouden komen; hij was eerder bang voor de gevolgen (de internationale kritiek) die dit bloedbad zou hebben.

 

“Anti-Semitisme in De Volkskrant”? 

 

Zoals bekend, bestaat Israël als natie weer iets meer dan zeventig jaar; er is hier en daar inmiddels aandacht aan besteed en de reacties wullen niet anders dan positief zijn geweest; en professor Ouweneel zal niet anders gereageerd hebben. Maar De Volkskrant echter, had besloten, dit eens ánders te gaan doen. En zo konden we getuige zijn van een grote prent, een cartoon, in de krant waarop een angstige Palestijn tegen een muur te zien was, die door een Israëlische soldaat onder schot werd gehouden; de kogelgaten van de kogels die hij al op de muur afgevuurd had, gaven een zin te zien, “Happy birthday to me”. De gevolgen van een dergelijke stuny lieten echter noet lang op zich wachten; zo had het Simon Wiesenthal Centrum in Los Angeles hier lucht van gekregen en de reactie op deze cartoon was dan ook niet zo verheugend:

“Het Simon Wiesenthal centrum in Los Angeles gaf een verklaring uit waarin stond dat de cartoon Israël afschilderde als een “moorddadige bullebak die zijn 70ste verjaardag viert door willekeurig ongewapende Palestijnen neer te schieten.” Het antisemitisme centrum in de VS veroordeelde De Volkskrant ook voor ontbrekende kritiek op het feit dat Hamas burgers gebruikt als menselijk schild in de huidige campagne tegen Israël op de grens van Gaza”. https://uitdaging.nl/6329-antisemitisme-in-de-volkskrant?ok#postReaction

Ontbrekende kritiek op Hamas wat burgers als menselijk schild inzet tijdens de “Mars tot Recht op Terugkeer”?  Wij verwijten dit centrum (maar tegelijkertijd eveneens het CIDI (Centrum Informatie en Documentatie Israël), voor het ontbreken van deugdelijke kritiek op o. a. bloedbaden tegen de Palestijnen zoals die hierboven beschreven zijn.

 

Bomballonnen & Vliegers met Hakenkruisen: het CIDI Ziet die Vliegen. 

 

Ja, men ziet men ze bij het CIDI “vliegen”. Dit is een term die vaak zo niet altijd wordt gebruikt om aan te geven dat iemand (om het maar eens in de volksmond te zeggen), “niet lekker is”. Wat was nu het geval? Het CIDI deelde mee dat er Mickey Mouse ballonnen waren aangetroffen op een schoolplein van een kleuterschool in Israël waarin een bom verborgen zat. Later bleek dat het hier om nepnieuws ging of om dit eens op bijbelse wijze uit te drukken (wat we trouwens al vaker hebben gedaan), “Joodse verzinsels” ging. (Titus 1:10-11, 12-13) Een ander “Joods verzinsel” draaide rond een vlieger met een hakenkruis om daarmee een groep kunsternaars verdacht te maken. Voor dit en meer: https://rightsforum.org/nieuws/cidi-ziet-vliegen/ En zo wordt dát  weer eens temeer bewezen wat Paulus  (een tot Christus bekeerde Jood) heeft gezegd:

“Zij behagen God niet en zijn alle mensen vijandig gezind”. (1 Thessalonicenzen 2:15)

 

Ton Nuiten – Vrijdag 9 November 2018.

Alberta Holocaust denier guilty of German hate crime

Source: Alberta Holocaust denier guilty of German hate crime

Ms. Monika Schaefer has been sentenced to 10 months imprisonment because of “Holocaust denial”. A part of this article runs as follows:

“The Holocaust is one of the most documented atrocities of the 20th Century”.

However, the writer of this article has forgotten to add the following words to it, “Because it is an atrocity which is most documented by the victors of WW II”. And these victors were not the Germans nor the Allies …